Denk mee!
En denk zelf verder...

Een masterclass vrolijk pessimisme voor artsen.

Een vrolijke pessimist wordt behoed voor het maken van al te rooskleurige denkfouten

Een gezonde dosis pessimisme is goed voor een dokter! U vraagt zich af waarom? Tijdens deze prikkelende meedenkdag denkt u in drie dynamische interactieve blokken van 90 minuten mee met Menno de Bree over geneeskundig optimisme, het geluk van de dokter én van de patiënt en de ironie van de vooruitgang in de gezondheidszorg, om uiteindelijk gevoed vanuit verschillende filosofische invalshoeken in te zien hoe u als vrolijke pessimist wordt behoed voor het maken van al te rooskleurige denkfouten in uw werk. De nadenktas die u aan het einde van de dag mee naar huis krijgt is gevuld met boeiende filosofische werken om zelf verder te denken over deze enerverende thematiek.

Blok 1: Geneeskundig optimisme
Een beetje dokter is een optimist. Behandelen, proactief zijn, verandering initiëren, opleiden, ingrijpen, patiënten motiveren, kwaliteitsprojecten opstarten – dat alles heeft alleen maar zin als je denkt dat je handelen de wereld in principe verbeteren zal. En voor een optimistische dokter is er niets fijners dan optimistische patiënten, al is het maar omdat die vaak extra gemotiveerd zijn om zich in te zetten.
Geneeskundig optimisme is daarmee bij uitstek een product van De Verlichting. Verlichtingsdenkers dachten dat de mens door toepassing van wetenschap en techniek (of het nu ging om ziekenzorg of staatsinrichting) voor zichzelf een hemel op aarde kon bouwen – of althans allerlei vormen van lijden zou kunnen verminderen. Optimisme gaat zo ook over in activisme (het idee dat iets doen altijd beter is dan niets doen) en kweekt een cultuur waarin de expert (degene met kennis) een hoge status krijgt toegekend. De niet-expert (patiënt) dient zich aan hem of haar (arts) te onderwerpen. Het kennisgebod (gij zult zelf weten en onderzoeken) leidt cultureel gezien zo in onze tijd tot het gezondheidsgebod (gij zult gezond leven), en tot een medicalisering van onze meest existentiële vragen. Geluk komt nu uit een potje. Zingevingskwesties worden steeds vaker in de spreekkamer besproken, maar worden ook voor dokters steeds meer relevant, getuige bijvoorbeeld de discussie over burn-out.

Blok 2: Pessimisme
Maar ondertussen weten we dat er iets raars met dat geneeskundig optimisme aan de hand is. We leven misschien wel langer, maar zijn niet per se gelukkiger. Ondanks alle technologische innovaties is er nog steeds veel lijden. De nadruk op maakbaarheid en eigen verantwoordelijkheid knagen aan onze solidariteit en maken ons minder weerbaar jegens de spelingen van het lot. Er is een gezondheidscultus ontstaan, waarin het beheersen van ons lichaam centraal staat. En nieuwe manieren van werken zijn misschien wel efficiënter, maar vaak ook eentoniger, saaier of bureaucratischer. Optimisme heeft dus een Janushoofd – kwaliteitsverbetering op het ene vlak resulteert vaak in kwaliteitsverlaging op het andere. Kort gezegd leidt de toepassing van meer kennis en wetenschap niet automatisch tot vooruitgang, niet tot meer geluk – of het nu om het geluk van patienten of van artsen gaat. Het optimisme geeft zo voedingsbodem aan haar tegenhanger, het pessimisme. In dit blok bespreken we enkele pessimisten die relevant zijn voor de geneeskundige praktijk, zoals Jean Jacques Rousseau (die uitlegt waarom in een vrije, gezonde samenleving niet per se gelukkiger zijn), Arthur Schopenhauer (die uitlegt waarom het menselijk streven naar geluk altijd mislukken zal) en Karl Marx (die ingaat op de vervreemding die wordt veroorzaakt door rationele productiemethoden en organisatiemodellen).

Blok 3: Vrolijk pessimisme
Als je als dokter geen oog ontwikkelt voor deze ironie van de vooruitgang resulteert dat mogelijk in frustratie en teleurstelling. Dat is zonde. En misschien ook nergens voor nodig. Ook voor patiënten geldt dat het alternatief voor optimisme niet per se het fatalisme hoeft te zijn. Hoe kun je je dus als arts (of patiënt) verhouden tot de ironie van de vooruitgang? Menno houdt daarbij een pleidooi voor het vrolijk pessimisme: een actieve, vitale levenshouding, in de volle wetenschap dat veel van wat we doen uiteindelijk toch niets voorstelt. De aanzetten tot deze houding zijn met name te vinden in het werk van Nietzsche en Kierkegaard, twee filosofen die beiden een enorm stempel hebben gedrukt op onze huidige zelfervaring. Dit zal dit artsen helpen om te begrijpen waarom patiënten de ‘existentiële’ klachten hebben die ze hebben, wat daaraan te doen valt en wat dit betekent voor hun rol. Ook biedt het een ander licht op de eigen existentieel-professionele kwesties die elke professional zichzelf wel eens stelt. Tot slot zal Menno in dit blok ook aandacht geven aan het werk van de hedendaagse filosoof Rodger Scruton die heeft laten zien hoe een gezonde dosering pessimisme ons kan behoeden om al te rooskleurige denkfouten te maken – zowel als dokter als patient.

INSPIRERENDE MEEDENKDAG
Op deze inspirerende dag ontwikkelt u onder leiding van Menno de Bree uw eigen visie op vrolijk pessimisme en gaandeweg leert u de besproken inzichten te herwaarderen. Samen met Menno de Bree verdiept u zich in vrolijk pessimisme vanuit filosofisch perspectief, om hiermee na deze dag met een frisse kijk in uw eigen praktijk aan de slag te kunnen.


EXTRA: Spectaculair intermezzo!

"Alles zit in muziek; alles wat je kunt bevatten, alles waar naar je kunt verlangen en alles wat niet kunt verdragen"

- Esther Apituley -


In dit intrigerende muzikale intermezzo neemt altvioliste Esther Apituley u mee langs de wegen van het vrolijk pessimisme in de klassieke muziek.

In een interactieve concertlezing weet ze u te verrassen met het humeur van wereldberoemde componisten, waaronder Bach, Brahms, Schumann en Dohnany. Samen luisteren we in een interactieve setting naar de muziek die zij speelt en ontdekken we of deze pessimisme of juist een zonnig vooruitzicht oproept. Zit de stemming in de muziek of in de luisteraar?

Met haar bijzondere, levendige interpretatie van de muziek, waarbij u zowel met de ‘ups’ als de ‘downs’ zult kennismaken, verlaat ze de gebaande paden, op naar ontdekking en avontuur. De intieme en tegelijkertijd uitgelaten sfeer in de zaal zijn kenmerkend voor haar optredens. Door onverwachte muzikale wegen in te slaan, weet ze te verrassen door haar vernieuwende vervlechting van muzikale en visuele elementen. Zo verbindt ze een groeiend publiek aan de altviool, de muziek en aan Esther zelf.




PROGRAMMA

  • 08.30-09.00 ontvangst
  • 09.00-10.30 Geneeskundig optimisme
  • 10.30-11.00 Pauze
  • 11.00-12:30 Pessimisme
  • 12.30-13.30 Lunchpauze
  • 13.30-14.30 Muzikaal intermezzo!
  • 14.30-15.00 pauze
  • 15.00-16.30 Vrolijk pessimisme.
  • 16.30-17.00 Napraten, nadenken en borrelen